Het motief
Het Bodetal bij Thale heeft voor een middelgebergte in Duitsland een uniek alpien karakter. Ons standpunt bij de Jungfernbrücke is het toeristische middelpunt en kruispunt ervan. Het Bodetal was destijds een doodlopende weg. Je kon nog een paar stappen tot aan de Bodekessel lopen, maar verder ging het alleen terug of omhoog: naar de Roßtrappe links van de Bode, of aan de andere oever naar het Tanzplatz. Het gebied heette Hirschgrund.
Dit centrale punt in het Bodetal is veranderd. De stenen Jungfernbrücke loopt inmiddels naast de rots, waarop vroeger de houten brug lag. In plaats van een pad loopt er nu een weg naartoe. Rond 1819, toen hier de eerste drankverkoop werd geopend, werd ook de eerste brug gebouwd. Uit de drankverkoop ontstond in 1834 een woonhuis met banketbakkerij. Tot 1855 was dit de enige plek in het Bodetal waar bezoekers de Bode met droge voeten konden oversteken. Pas in 1875 werd de welluidende naam „Königsruh“ bedacht, veertig jaar na het bezoek van de Pruisische kroonprins, toen hij nog helemaal geen koning was. „Kronprinzruh“ zou niet zo’n goed marketingidee zijn geweest.
De vergelijking met het schilderij laat zien hoeveel rotspunten er honderd jaar geleden nog in het Bodetal waren, die inmiddels aan het veiligheidsgevoel van de bezoekers zijn opgeofferd. Hoeveel wildernis hier voor 1800 nog moet zijn geweest, kun je uit oude reisgidsen opmaken. Dat wekt medeleven en spoort aan tot bijzondere aandacht op deze bijzondere plek.