© Fotoweberei & Schloß Wernigerode GmbH

Duivelsmuur bij Weddersleben

1833

Het motief

Onze locatie bevindt zich bij de Wedderslebener Teufelsmauer, die op dit prachtige stuk volledig boomvrij is en daardoor zo monumentaal oogt. Volgens de legende wilde de duivel de muur in één nacht bouwen. Zijn rijk was de Brocken en hij wilde het uitbreiden naar het voorland van de Harz. De weddenschap met God de Vader was gesloten. Maar de haan kraaide, de ochtend brak aan en hij moest zijn werk onvoltooid achterlaten, al smeet hij woedend nog enkele brokken weg. Deze merkwaardig verkorste zandsteenformaties liggen tot op de dag van vandaag in het heuvelachtige voorland van de Harz. Natuurlijk boeiden ze ook de kunstenaars, waarbij het lokaliseren van de meer dan veertig schilderijen van de Teufelsmauer uit de Romantiek nog steeds een aparte taak blijft voor liefhebbers van de streek, en ook de vraag of Carl Blechen hier bij de Königswand stond of toch bij het Hamburger Wappen, nog altijd niet volledig is beantwoord.

Vaststaat dat de Teufelsmauer tot de oudste natuurmonumenten van Duitsland behoort. Al in juni 1833 verbood de koninklijk Pruisische landraad Carl Weyhe de dorpsgemeente Weddersleben, op straffe van tot vijf taler, om stenen te breken aan de Teufelsmauer. In december moest dit besluit worden herhaald, „omdat niet kan worden toegelaten dat de Teufelsmauer, die het hele gebied tot sieraad strekt, door het afbreken van stenen wordt vernietigd.“ De naam met de duivel en de kracht en verscheidenheid van deze stenen fascineerden niet alleen schilders. Zij probeerden vooral vormen te vinden om het duivelse tot uitdrukking te brengen — met krachtige penseelstreken, donkere wolken, maanlicht, of zoals Carl Blechen met een zwerm kraaien.

Teufelsmauer von Blechen
©  Kupferstich-Kabinett, Staatliche Kunstsammlungen Dresden, Foto: Herbert Boswank
Carl Blechen

Kunstenaar

september  1833

ontstaan

Kwast met gekleurde inkt op papier

22,8 x 33 cm

inv.nr. C 1928-69

Staatliche Kunstsammlungen Dresden, Kupferstich-Kabinett

Wandeltip

Van Blankenburg naar Ballenstedt verbindt de Harzer Teufelsmauerstieg over een lengte van 27 kilometer de verschillende delen van de Teufelsmauer. De tot wel 20 meter hoge zandstenen die uit de heuvels oprijzen, zijn afzettingen van een voormalige zee, maar werden onder hoge druk verkit, later gekanteld en door het water van de Bode en de ijstijd grillig uitgespoeld. Een heel bijzondere wandeling, deels over de Harzer-Hexen-Stieg, waarvoor goed schoeisel wordt aangeraden. Bij de Teufelsmauer bij Weddersleben is er ook een stempelpost van de Harzer Wandernadel.

Over de kunstenaar

Carl Blechen (1798-1840) is een geniale Berlijnse landschapschilder uit de Romantiek die veel indruk maakte op zijn tijdgenoten. Hem was slechts een korte creatieve periode van nauwelijks tien jaar gegund, waarbij zijn reis naar Italië in 1828/29 een hoogtepunt vormde. Vanaf 1831 was hij leraar aan de Berlijnse Academie en werd hij vanwege zijn onconventionele manier van doen door zijn talrijke leerlingen geliefd. Enkele van hen vergezelden Blechen ook op zijn korte reis van tien dagen door de Harz in september 1833. Op 13 september ging het via het Ilsetal naar de Brocken, waar hij waarschijnlijk overnachtte; bergafwaarts volgde hij de Bode via Schierke naar Rübeland en wendde zich van daaruit naar Blankenburg, waar hij op 16 of 17 september aan de Regenstein en op de Teufelsmauer schetste. Van hier was het niet ver naar Thale, maar er bestond toen nog geen pad over de Teufelsmauer. Blechen overnachtte daarna nog enkele dagen in de Blechhütte bij Thale en verkende van daaruit zowel het Bode- als het Selkdal. Op 24 september maakte hij zijn laatste tekening van de reis, alweer in Ilsenburg.

Ter vergelijking

Heinrich Brandes, Duivelsmuur, ca. 1850, potlood, bruin en grijs gewassen op bruinachtig velijn, 42,6 x 56,1 cm, Herzog Anton Ulrich-Museum Braunschweig, inv.nr. ZL III/1602 

Teufelsmauer von Brandes
© Herzog Anton Ulrich-Museum Braunschweig

Heinrich Brandes (1803-1868) kwam uit Braunschweig, had eerst natuurwetenschappen gestudeerd voordat hij zich aan de kunst wijdde, en werd na zijn reis naar Italië tekenleraar in Braunschweig. Meer dan tien tekeningen en enkele schilderijen met motieven van de Teufelsmauer laten zien hoe sterk dit motief hem fascineerde.

Heinrich Brandes, Duivelsmuur bij Neinstedt, ca. 1850, potlood, groen en bruin gewassen, met dekverf opgehoogd op groenachtig velijn, 42,7 x 57,8 cm, Herzog Anton Ulrich-Museum Braunschweig, inv.nr. ZL III/1606

 Teufelsmauer bei Neinstedt von Brandes
© Herzog Anton Ulrich-Museum Braunschweig

Hier zou het kunnen gaan om de Adelaarsrots (rechts) en de duivel, twee markante rotsen aan de Duivelsmuur tussen Neinstedt en Weddersleben, in de verte misschien de Hoppelnase bij Langenstein, meer dan 15 kilometer verderop. Zulke gevarieerde uitzichten over het voorland van de Harz zijn ook vandaag de dag nog een bijzondere aantrekkingskracht van de hoogtes van de Duivelsmuur.